Bluesgate
HOME | INTERVIEWS | WORKBENCH | ARCHIVES | PIGNOSE LINKS | INFO
Interview Erwin Java

INTERVIEW | Erwin Java - Zonder gitaar kan ik niet overleven...

Tekst: Jan Blaauw

De stad Groningen. De in Assen geboren gitarist Erwin Java woont er, doceert er en reist vanuit het Noorden door heel Nederland om te spelen met King of the World. Door de jaren heen heeft hij bij diverse bands een belangrijke rol gespeeld en is al ruim drie decennia professioneel muzikant.

Opgroeien

Erwin Raymond Java (18 juli 1956) is de jongste telg uit het gezin Java en herinnert zich levendig de muziek en verhalen uit zijn jeugd. "Er werd bij ons niet actief muziek gemaakt binnen het gezin, maar wel passief" begint Erwin. "Er werd wel heel veel naar muziek geluisterd. Ik kom uit een Nederlands-Indische familie, mijn vader was KNIL militair en mijn ouders zijn in 1951 naar Nederland gekomen."

"In Nederland had je een opkomst van Indo rockers. Deze jongens hebben toch wel de basis gelegd voor de ontwikkeling van de Nederlandse rock and roll muziek. Ook internationaal is de invoed hiervan doorgedrongen: de broertjes van Halen hebben ook een indo-achtergrond. Daarnaast luisterden wij thuis veel naar naar Country muziek, Jim Reeves bijvoorbeeld, maar ook naar iemand als Buck Owens en veel naar blues en rock and roll. Mijn moeder vond 'Saint Louis Blues' van Louis Armstrong prachtig! En ik schijn als klein jongetje te hebben meegeklapt op 'Baby Face' van Little Richard."

"Mijn broers, zus en ik hebben allemaal wel de 'verplichte' pianolesjes gehad. Ik ook, toen ik zo'n acht jaar oud was, maar muziek werd er niet gemaakt binnen ons gezin. Dat heb ik echt mijzelf allemaal moeten aanleren."

Trommeltje voor snaren

Zo rond zijn twaalfde kwam Erwin min of meer toevallig in aanraking met live muziek. "Vriendjes van mij, ze zullen zo'n dertien, veertien jaar oud zijn geweest, hadden allebei een gitaar en één van die vriendjes had zelfs gitaarles. Het leek ze wel leuk om achter het huis wat muziek te gaan maken. En omdat ik een trommeltje met van die kralen aan touwtjes had, wat je tussen je twee handen in kon draaien, moest ik het ritme maar gaan doen."

"Op een zeker moment wilden ze een nummer van Led Zeppelin spelen. Eén van de vriendjes had 'Led Zeppelin II' in huis en 'Whole lotta love' - origineel door Willy Dixon - leek wel te doen. Maar zij kwamen niet uit die riff. Ik zei toen van 'Tja, ik weet het ook niet maar ik wil het wel eens proberen?' En toen had ik die riff heel snel te pakken. Rare ervaring was dat eigenlijk. Zij hadden de gitaren, ik het trommeltje en zat hun voor te doen hoe je die riff kon spelen!"

"Op de een of andere manier voelde het heel natuurlijk met die gitaar in mijn handen. Ik hoorde dingen snel en wist ze bijna gevoelsmatig makkelijk uit te zoeken op de gitaar." Was het in het begin vooral leuk om te spelen, later werd het ook een noodzaak voor Erwin om muziek te maken. Het bleek een fijne manier om allerlei hobbels in zijn jeugd te overwinnen en een plek te geven.

Bluesbased

De oudere broers van Erwin hadden thuis veel 'American Folk Blues Festival' platen. "Er waren in de jaren zestig veel Amerikaanse zwarte bluesjongens, die bij elkaar werden gezocht om door Europa te touren en daar werden platen van uitgebracht. Dus toen ik begon te spelen zocht ik allerlei dingen uit op de gitaar. Van Led Zeppelin tot Ten Years After en Clapton, allemaal bluesbased bands en ik zat al snel bij de roots van deze muziek. De platen van mijn broers werden door mij uitgeplozen. IK luisterde intensief naar gasten als Matt 'Guitar' Murphy, John Lee Hooker, Freddie King, B.B. King, Lonnie Johnson en noem al die gitaristen maar op. Maar ook naar Django Reinhardt. Dat is mijn basis geweest."

"Ik weet dat mijn klasgenoten op de middelbare school, ik zat in een schoolband, zich afvroegen hoe ik aan mijn stijl van spelen kwam. Zij luisterden naar bands als Genesis, Pink Floyd en ik speelde heel anders. Omdat ik naar totaal andere muziek luisterde. En zo is het voor mij eigenlijk begonnen, ben eigenlijk een 'old school' gitarist... Hoewel? Als je aan Eddie van Halen vraagt waar hij vroeger naar luisterde zal hij zeggen Eric Clapton and the Bluesbreakers. Als je het aan Gary Moore kon vragen? Die had op een van zijn platenhoezen een setje staan waar Eric Clapton mee bekend is geworden: Een Les Paul Standard met Marshall Combo. Naar die platen heb ik veel geluisterd, die waren ook bij ons in huis. De Stones, alle John Mayall albums, ze stonden bij ons in de kast. Allemaal bluesbased bands."

"Ik geef ook gitaarles en onlangs vroeg een leerling aan mij of we een nummer van Slash konden uitzoeken. Ik zei dat als je goed luisterde dat je dan oude Clapton/ Blues licks voorbij hoort komen. En als je de oude platen van Clapton samen met John Mayall beluistert dan hoor je dat Clapton weer geïnspireerd raakte door Freddie King. Niet dat Clapton het precies had uitgezocht, maar je hoort dat hij speelt op een manier waarvan hij dacht dat dát het ongeveer moest zijn. Maar een aantal jaren terug bracht Clapton een plaat uit waarop hij die licks precies naspeelt en dat vind ik dan jammer."

Erwin Java

Eigen stijlontwikkeling

Erwin probeert in de beginjaren zoveel mogelijk zelf een richting geven aan de muziek die hem inspireert: "Ik heb ook die muziek geprobeerd te analyseren en na te spelen maar heb het daarna vrij snel weer aan de kant geschoven en er niet meer over nagedacht. Ik dacht toen: Er is al een Freddie King en ik wil geen naspeler zijn... Die jongens speelden ook nooit hetzelfde."

Erwin noemde het al eerder. Opgroeiend als puber was zijn schooltijd niet de leukste periode uit zijn leven maar hij vond in de muziek al heel snel een manier om zijn frustraties een richting te geven. "Dat daar dan bepaalde noten bijhoren, zijn onbewuste processen, die pik je gewoon op. En je voelt opeens dat je invulling kan geven aan je gedachten: 'Wauw! Zo kan ik het eruit laten knallen!' Ik zeg ook wel eens dat als ik de gitaar niet had ontdekt, dat ik misschien wel een zeer onprettig , cynisch en bitter persoon had kunnen worden of een wereldvreemde, asociale kluizenaar. De gitaar geeft mij de mogelijkheid om mezelf te uiten en een handvat om mijn gevoelens een richting te geven. In die zin is het altijd een noodzaak geweest voor mij om te spelen. Zonder in allerlei clichés te willen verzanden was het voor mij overleven en is het ook de reden waarom ik op mijn achtenvijftigste nog steeds speel."

White Honey, Herman Bood, Harry Muskee

Naast producent, sessie- en studiogitarist en mede-oprichter van het Noorder Muziek Instituut in Groningen is Erwin Java in bands actief geweest als White Honey (16.000 LP's verkocht, diverse TV-shows) en Herman Brood and his Wild Romance (diverse TV-shows). De langste periode dat hij als gitarist deel uitmaakte van een band was bij Cuby and the Blizzards.

Van 1986 tot aan de dood van Harry Muskee op 26 september 2011, speelde en componeerde Erwin bij zijn bluesbrother in de band. Maar het allereerste contact met Harry daar weet Erwin zelf niets meer van. Erwin: "Er zat een leeftijdsverschil tussen mijn oudere broers - waarvan de oudste inmiddels niet meer leeft - en mij van zeventien respectievelijk achttien jaar. Zij volleybalden met Harry Muskee. En in die hoedanigheid, als volleybalmaatje, schijnt Harry veel bij ons thuis te zijn geweest. Ook Eelco Gelling kwam over de vloer, maar bij Harry schijn ik als klein ventje op schoot te hebben gezeten. Dat verhaal is trouwens ook door Harry zelf bevestigd dus dan zal het wel waar zijn, haha!"

Het eerste muzikale contact met Harry Muskee ontstond toen Erwin zeventien was. "Cuby and the Blizzards speelden natuurlijk ook veel in en rondom Assen. In Assen had je midden jaren zeventig een discotheek genaamd Bar-Dancing Peelo. Daar repeteerden Herman Brood, Eelco Gelling, Harry Muskee en nog wat mensen. Brood was bezig om zijn eigen carrière in de steigers te zetten en Harry en Eelco waren ook bezig met een nieuw project: Red, White & Blue. Er werden sessies georganiseerd, er was apparatuur aanwezig en ik speelde daar met een bandje van jongens van mijn leeftijd."

"Tijdens een sessie-avond stond Brood op het podium en vroeg of er nog gasten waren die wat wilden spelen. Wij, als jonge jongens, keken elkaar aan en we stapten het podium op. Herman zat met een bedenkelijk gezicht te kijken toen de meute op het podium stond maar vroeg uiteindelijk toch wat wij wilden spelen. 'Johnny B. Good meneer?', haha. Toen we dat nummer inzetten was Herman aangenaam verrast. We hadden dat nummer toch al heel aardig in onze vingers zitten. Ik kon toen nog niet vermoeden dat ik zes jaar later bij Brood in de band zou zitten en vijftien jaar later bij Harry."

Erwin speelde in 1980 bij Herman Brood en werd door Harry Muskee uitgenodigd voor een jamsessie in de buurt van Coevorden. Dat was begin jaren tachtig. "Ze hadden voor die avond nog geen gitarist dus Harry vroeg of ik wilde meespelen. Ik wist toen ook nog niet of ze op zoek waren naar een vaste gitarist, maar dat was voor mij toch niet mogelijk want ik zat toen bij Herman Brood. Een aantal jaren na de sessie met Harry kreeg ik, in 1986, een uitnodiging van Gino Jansen, toenmalig bassist van de Muskee Gang. Of ik even wilde invallen in de studio want de twee gitaristen die deel uitmaakten van het gezelschap kwamen niet to the point. Vond men. Om wat voor reden dan ook... haha!

Bedoeling was dat ik de rest van de opnames zou inspelen en de bestaande tracks opnieuw zou invullen. Die bestaande tracks hadden echter overspraak. Je hoorde de oude gitaarpartijen over de drums heen. Dus dat was niet makkelijk kan ik je zeggen! Maar ik heb die klus afgerond en daarna vroegen ze of ik mee wilde om op te treden want ze hadden nog wat klussen staan. Met mijn eigen bandje uit die tijd, Dutch Concert, had ik niet zoveel werk dus besloot ik om bij de Muskee Gang te gaan spelen. In eerste instantie voor zes of zeven klussen maar vervolgens ben ik vijfentwintig jaar aan Harry blijven plakken... Er is denk ik, ook geen enkele andere muzikant die achtereenvolgend zo lang met Harry Muskee heeft gespeeld."

Erwin Java

Geen huurling

Een klein stapje terug in de tijd, de periode vlak vóór toetreding tot de Muskee Gang, had Erwin een eigen band, Blueskin, waarin hij naast het schrijven, componeren en spelen van eigen muziek zich ook bezig hield met de organisatie van het geheel en veel energie moest steken in het bij elkaar houden van deze groep. Met een drummer uit Eindhoven, een bassist uit Nijverdal en een zanger uit Hilversum was dat dus bijna niet te doen.

Erwin vervolgt: "Het aanbod van Harry zette mij aan het denken. Harry had zijn sporen al verdiend in de muziek en daardoor een naam opgebouwd. Toen ik besloot om op zijn aanbod in te gaan was ik bereid om mijn eigen ambities op een lager pitje te zetten. Ik heb niet zo'n groot ego of geldingsdrang om een boegbeeld te moeten zijn. Wat ik wél wist was dat iedereen die bij Harry speelde zijn muzikale ei kwijt kon en ook zijn invloed kon laten gelden."

De reden waarom ik zolang met Harry heb gespeeld was dat ik naast creatief ook organisatorisch een rol kon spelen. Ik was meer dan alleen een huurling die voor honderd euro kon komen opdraven. Ik vind dat in een band elke muzikant zijn waarde heeft en geloof in een zekere mate van gelijkheid. Die condities waren in de band van Harry aanwezig."

Repertoire

Toetreding tot de band van Harry Muskee betekende niet automatisch het spelen van oud Blizzards werk. Harry had in die tijd een aversie van zijn C+B-verleden. Harry wilde zijn Muskee Gang in de steigers zetten en schreef nieuwe teksten waar muziek bij gecomponeerd moest worden. "Ik vind dat een zanger teksten moet zingen waar hij iets bij voelt. Niet noodzakelijk door hem zelf geschreven, maar dat helpt natuurlijk wel. Dat is wat inleving betreft heel belangrijk. Ik schrijf ook wel teksten maar ik kan (of durf) zelf niet (te) zingen." Joe Cocker komt nog even ter sprake. "Joe was een grote uitzondering hierop. Die heeft nog nooit een eigen tekst gezongen of nummer geschreven, maar wist zich een song volledig eigen te maken. Dat vind ik heel knap. Echt vakmanschap."

De overgang

Het jaar waarin Harry kwam te overlijden - 2011 - was het jaar waarin Erwin nog nooit zoveel had gespeeld. Het geeft hem een tegenstrijdig gevoel. "We hebben tot 12 juni van dat jaar met de Blizzards opgetreden en het is een misverstand dat ik daarna mijn gitaar in de boom heb gehangen. In tegendeel. Ik heb meegespeeld in de Drentse Blues Opera, dat waren dertig shows in anderhalve maand tijd. En ik heb vijfenveertig shows gedaan met de Five Great Guitars, allemaal na Harry's overlijden. Voor mij was dat een goede periode om het overlijden van Harry te verwerken. Ik reed alleen naar de Five Great Guitars-shows toe in de auto waarin Harry altijd naast mij heeft gezeten. Die auto staat nu overigens in het Cuby Museum in Grolloo. De laatste 'bluesmobiel' zoals wij die Peugeot noemden." "En ook al zat Harry er niet meer naast, mij voor mijn gevoel zat hij er wel. Als ik dan na een show van de Five Great Guitars weer alleen naar huis reed, dan gaf ik een klopje op die lege stoel en vroeg 'Nou Mus, hoe is 't?'"

Erwin Java

Verder

In december 2011 waren alle shows gedaan en Erwin kon zich gaan beraden over zijn muzikale podiumtoekomst. Er lagen wel wat aanbiedingen, onder andere om met The Five Great Guitars door te gaan maar de afweging om als ingehuurd muzikant of met een nieuwe band verder te gaan viel uiteindelijk in het voordeel van de laatste optie uit. "Fokke de Jong - drummer - belde mij op. Of ik samen met hem iets wilde proberen. Ik had ooit met Fokke voor een Herman Brood-sessie samengewerkt en toen mij later gevraagd werd of ik voor de Drentse Blues Opera een drummer wist heb ik Fokke voorgesteld. Zodoende hebben wij elkaar tijdens die shows voor de Drentse Blues Opera (augustus 2011) muzikaal nog beter leren kennen. Dat klikte heel goed, vond ik."

"Ik stond open voor Fokke's idee en we zouden wel zien wat het zou opleveren. We hebben verschillende mensen uitgenodigd en wat audities georganiseerd. Met Govert van der Kolm en Ruud Weber werd de uiteindelijke bezetting van King of the World snel een feit."

King of the World is goed ontvangen en draait prima mee in het circuit. Maar voor Erwin is het ook duidelijk dat je als bluesband in Nederland nooit echt een groot publiek kunt bereiken. "We spelen daarom ook in wat kleinere zalen, iets wat we met C+B, vanwege de prijs niet zo vaak deden. Hoe meer mensen we kunnen bereiken hoe mooier. Als je een nog groter publiek wilt bereiken redt je dat alleen door over de grenzen heen te spelen of een hit te scoren. Met de Blizzards speelden we in Nederland voor goede prijzen die we niet in zo vaak in het buitenland konden vragen en dus was de behoefte om naar het buitenland te gaan niet echt aanwezig. Daarbij hadden de 'Blizzards' talrijke Top 40 hits gehad, wat best bijzonder was voor een bluesband. C+B stond buiten elke competitie en kon zich altijd verheugen op een grote belangstelling."

"Met King of the World zou ik het buitenland wel willen verkennen. Dat geldt ook voor de andere jongens. Zij snappen ook wel dat het bluespubliek in Nederland beperkt is. Wij proberen ons te onderscheiden van het andere bluestalent wat in Nederland aanwezig is en ons zo in de kijker te spelen."

De taken binnen King of the World zijn verdeeld. Boekingen lopen tegenwoordig via Goomah Music en binnen de band houdt de een zich bezig met de website, de ander met de merchandising en Erwin is onder meer de contactpersoon tussen de boeker en de platendistributeur. "We zijn binnen deze band dan wel allemaal gelijk maar ik ben wel de oudste van het stel en heb, gezien mijn verleden met aansprekende bands als White Honey, Herman Brood en, vooral, C+B de grootste reputatie naar het publiek toe. Ik ben me daar nooit heel erg van bewust geweest maar ik denk dat ook de ander jongens gemerkt hebben dat mijn naam best wel wat deuren voor King of the World heeft geopend. Fokke heeft natuurlijk zijn verleden met Normaal en die band heeft een grote populariteit genoten maar binnen de Nederlandse blues-wereld nooit zo'n naam gehad. Daarnaast brengen Ruud en Govert natuurlijk ook hun 'bagage' in.''

Vrijheid

King of the World biedt Erwin alle vrijheid maar hij voegt er nogmaals aan toe dat die vrijheid bij Harry Muskee ook aanwezig was. "Harry schreef voornamelijk alleen teksten en wilde graag blues/ jazz-minded musici om zich heen vanwege de improvisatorische vrijheid. Hij had, net als ik, een hele brede interesse in diverse muziekstijlen, ook in klassieke muziek. Hij maakte regelmatig de opmerking van 'Je wilt toch ook niet altijd in de eerste klas van de lagere school blijven zitten?' Of als er in het voorprogramma een Stevie Ray Vaugh-achtige band zat: 'Leuke band, maar wel het 8e elftal van SRV .' Met andere woorden: blijf zoeken naar je eigen richting met de 'blues' in het achterhoofd."

"Robert Johnson was geweldig evenals zo vele anderen, maar het zou zonde zijn om je horizon niet te verbreden en alleen maar die ene richting te verkennen. Voor elke muziekstijl gaat het uiteindelijk om het gevoel waarmee het wordt vertolkt. Wat je speelt moet je vanuit je eigen gevoel spelen... dan moet het ooit goed komen."

Meer informatie over Erwin Java, King of the World en het Noorder Muziek Instituut:
Website Erwin Java
Website King of the World
Website Noorder Muziek Instituut

19x19
blackpixel
19x19
Erwin Java
19x19
   
white line

© 2018 De Rijdende Slager - Bluesgate | All logos are used with permission of the performing musicians | Webdesign Lackthose Brothers